muziekkamer

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mu·ziek·ka·mer
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord muziekkamer muziekkamers
verkleinwoord muziekkamertje muziekkamertjes

Zelfstandig naamwoord

muziekkamer v / m [1]

  1. kamer of ander vertrek waarin men muziekuitvoeringen geeft

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen