modisch

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mo·disch
Woordherkomst en -opbouw
  • afleiding van mode met het achtervoegsel -isch
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen modisch modischer
verbogen modische modischere
partitief modisch modischers -

Bijvoeglijk naamwoord

modisch [1]

  1. volgens de hedendaagse smaak
    • Zijn modische oeuvre begon in 1981 met een ensemble van ‘lieskousen’ en ballenknijperslip waar hij met afgestreken gezicht ten tonele verscheen in Los Flipper's Roller Disco Boogie Lounge in L.A. [2] 
    • Hij was bij RTL Boulevard jarenlang het kolderieke modisch geweten, maar verdween er als een dief in de nacht. Een beslissing van hemzelf, zegt MAIK DE BOER, al beweren bronnen anders. De 55-jarige stylist na de overstap naar SBS6: ,,Ik doe nu alleen nog maar dingen waar ik zin in heb.” [3] 
    • Zij wierp zich in een hoek van de breede oud-modische canapé en wrong beide handen boven haar hoofd samen, terwijl zij zich de lippen verbeet om geen kreet te slaken. [4] 
Synoniemen
Afgeleide begrippen

Gangbaarheid

82 % van de Nederlanders;
66 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. De Telegraaf 22 apr. 2016 Modewereld rouwt om Prince
  3. De Telegraaf EVERT SANTEGOEDS 23 mei 2016 Maik de Boer: ‘Ik wilde zélf weg bij RTL’
  4. Majoor Frans Bosboom-Toussaint Majoor Frans