minderheidskabinet

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • min·der·heids·ka·bi·net
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord minderheidskabinet minderheidskabinetten
verkleinwoord minderheidskabinetje minderheidskabinetjes

Zelfstandig naamwoord

minderheidskabinet o

  1. (politiek) een regering die in het parlement een minderheid heeft met het gezamenlijk aantal zetels van de partijen die in het kabinet vertegenwoordigd zijn.
    • Het minderheidskabinet had de steun nodig van een gedoogpartner. 
Synoniemen
Antoniemen

Meer informatie

Gangbaarheid