membraan

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mem·braan
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘vlies’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1604 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord membraan membranen
verkleinwoord membraantje membraantjes

Zelfstandig naamwoord

membraan o

  1. een dun vlies dat een afscheiding vormt
  2. (biologie) een dun vlies van met name fosfolipiden en eiwitten dat een cel in staat stelt één of meerdere interne milieus te creëren
  3. een trillend plaatje in een luidspreker
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

94 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen