melkstal

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

melkstal met koeien
Uitspraak
Woordafbreking
  • melk·stal
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord melkstal melkstallen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

melkstal m

  1. een ruimte waarin koeien worden gemolken
    • De oud-Tourwinnaars Jan Janssen en Joop Zoetemelk zijn er woensdag bij, op Erve Kuiper aan de Schotbroekweg in Noord-Deurningen. Temidden van wielervrienden is Hennie Kuiper (68) daar het stralend middelpunt bij de opening van 'zijn' museum. De melkstal, met achter de glazen wand de koeien, is het decor voor een imposante collectie wielerparafernalia, die herinnert aan de imposante loopbaan van Kuiper. [1] 
    • In de melkstal van een agrarisch bedrijf aan de Weertsweg in Buurse is dinsdagavond rond kwart voor negen brand uitgebroken. Vlammen sloegen uit het dak van de schuur en de rook was tot in de wijde omtrek te zien. [2] 
    • Voor Gertjan (28) begint deze eerste kerstdag dus om 6.30 uur in de melkstal. De dames worden gemolken en daarna de stal schoongemaakt. Ook het voederen van de 60 melkkoeien en 25 stuks jongvee moet gebeuren. Maar een kerstdiner wordt het zeker niet vandaag. [3] 
Hyperoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
90 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen