loser

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lo·ser
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord loser losers
verkleinwoord losertje losertjes

Zelfstandig naamwoord

loser m

  1. (scheldwoord) een sukkel, stakker, mislukkeling
    Ga toch weg, loser!
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl


Engels

enkelvoud meervoud
loser losers

Zelfstandig naamwoord

loser

  1. verliezer