lesboek

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • les·boek
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord lesboek lesboeken
verkleinwoord lesboekje lesboekjes

Zelfstandig naamwoord

lesboek o

  1. (onderwijs) boek dat gebruikt wordt om iets te leren in een les, op school
    • Op de middelbare school heet een lesboek een schoolboek op de universiteit een studieboek. 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
93 % van de Vlamingen.