kuk

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kuk
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kuk kukken
verkleinwoord kukje kukjes

Zelfstandig naamwoord

kuk m

  1. kus
Synoniemen
Afgeleide begrippen

Werkwoord

vervoeging van
kukken

kuk

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kukken
    Ik kuk.
  2. gebiedende wijs van kukken
    Kuk!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kukken
    Kuk je?
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl


Indonesisch

Woordafbreking
  • kuk
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

kuk

  1. juk