kriebelhoest

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • krie·bel·hoest
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kriebelhoest kriebelhoesten
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

kriebelhoest m [1]

  1. droge niet productieve hoest, die ontstaat door een kriebelend gevoel in de bovenste luchtwegen die meer hinderlijk dan gevaarlijk is
    • Niezen, tranende ogen, loopneus, kriebelhoest, eczeem. Hooikoortslijders weten waarover we spreken: elk jaar spelen hun klachten op vanaf het begin van de bloeiperiode van bomen en grassen. Met de meeste klachten wanneer de pollenconcentratie in de lucht het hoogst is. Er is slecht nieuws voor hen: het wordt de komende jaren alleen maar erger.[2] 
    • Uit eerder gehouden enquêtes blijkt dat tussen de 80 en 90 procent van de ic-patiënten problemen houdt na ontslag uit het ziekenhuis. Hom noemt er een aantal: "Slapeloosheid, nachtmerries en fysieke pijn die de patiënt niet thuis kan brengen. Een op de vijf mensen krijgt depressieve klachten. Vaak zijn er problemen met het verlies aan spierkracht en dat geeft frustraties. Andere problemen zijn concentratieverlies, kriebelhoest en doorligwonden die slecht helen.[3]  
Vertalingen

Meer informatie

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. De Standaard 07/11/2014 Kaatje De Coninck
  3. Tubantia 12-10-2010