kapittel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ka·pit·tel

Zelfstandig naamwoord

enkelvoud meervoud
naamwoord kapittel kapittels
verkleinwoord kapitteltje kapitteltjes

kapittel o

  1. hoofdstuk (uit de Bijbel)
  2. een (kerkelijk) bestuurscollege
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Werkwoord

vervoeging van
kapittelen

kapittel

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kapittelen
    Ik kapittel.
  2. gebiedende wijs van kapittelen
    Kapittel!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kapittelen
    Kapittel je?
Verwijzingen