jonkheer

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • jonk·heer
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘adellijk predikaat, aanvankelijk: jong edelman’ voor het eerst aangetroffen in 1240 [1]
  • samenstelling van  jonk  en  heer 
enkelvoud meervoud
naamwoord jonkheer jonkheren
verkleinwoord jonkheertje jonkheertjes

Zelfstandig naamwoord

jonkheer m

  1. Dit predicaat wordt gevoerd door de meeste leden van adellijke families. Het duidt aan dat men wel tot de adel behoort, maar geen titel heeft.
    • Het predicaat jonkheer staat vóór de voornaam van de persoon. 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen