jolt

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • jolt

Werkwoord

vervoeging van
jollen

jolt

  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van jollen
    Jij jolt.
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van jollen
    Hij jolt.
  3. verouderde gebiedende wijs meervoud van jollen
    Jolt!


Engels

Uitspraak
enkelvoud meervoud
jolt jolts

Zelfstandig naamwoord

jolt

  1. schok


vervoeging
onbepaalde wijs to jolt
he/she/it jolts
verleden tijd jolted
voltooid
deelwoord
jolted
onvoltooid
deelwoord
jolting
gebiedende wijs jolt

Werkwoord

jolt

  1. schokken
    «Her sudden appearance jolted him out of his reminiscence.»
    Haar plotselinge verschijning wekte hem op uit zijn mijmering.