jolt

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Engels

Uitspraak
enkelvoud meervoud
jolt jolts

Zelfstandig naamwoord

jolt

  1. schok


vervoeging
onbepaalde wijs to jolt
he/she/it jolts
verleden tijd jolted
voltooid
deelwoord
jolted
onvoltooid
deelwoord
jolting
gebiedende wijs jolt

Werkwoord

jolt

  1. schokken
    «Her sudden appearance jolted him out of his reminiscence.»
    Haar plotselinge verschijning wekte hem op uit zijn mijmering.