in- en indom
Uiterlijk
- Geluid: in- en indom (hulp, bestand)
- IPA: /ˈɪn ɛn ˈɪndɔm/
- in- en in·dom
- intensiverende afleiding van dom (bijvoeglijk naamwoord) met reduplicatie van in- (versterkend voorvoegsel)
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | in- en indom | - | - |
| verbogen | in- en indomme | - | - |
in- en indom
- heel stom, uiterst onverstandig
- Het was natuurlijk in- en indom om hem al je geld mee te geven.
- Het woord 'in- en indom' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.