impressie

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • im·pres·sie
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord impressie impressies
verkleinwoord impressietje impressietjes

Zelfstandig naamwoord

impressie v

  1. de uitwerking van iets op het gemoed of de geest, de indruk
    • Mijn eerste impressie van het schilderij was dat het dramatisch slecht was. 
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen