importar

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Spaans

Uitspraak
Woordafbreking
  • im·por·tar

Werkwoord

importar

stamtijd
infinitief verleden
tijd
voltooid
deelwoord
importar
importaba
importado
volledig
  1. onovergankelijk belangrijk zijn
  2. schelen (een verschil maken)
  3. bedragen, uitkomen op, de hoeveelheid hebben van
    de waarde van deze transactie bedraagt...
  4. overgankelijk importeren, invoeren
Verwante begrippen