heruitbrengen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • her·uit·bren·gen
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
heruitbrengen
bracht heruit
heruitgebracht
zwak -cht volledig

Werkwoord

heruitbrengen

  1. overgankelijk opnieuw een uitgave het daglicht laten zien (van een boek, muziekalbum e.d.)
    • Die werd nu opnieuw uitgebracht op het MIG label, die eerder ook al werk van Miller Anderson heruitbrachten. 
Opmerkingen
  • De combinatie her+uit levert een scheidbaarheidsconflict op. Gescheiden finiete vormen zijn zeldzaam, een gescheiden te-vorm van de infinitief komt wel regelmatig voor. De Woordenlijst vermeldt echter het werkwoord als een regulier scheidbaar werkwoord.
Vertalingen

Gangbaarheid