heli

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • he·li
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord heli heli's
verkleinwoord helietje helietjes

Zelfstandig naamwoord

heli m

  1. (luchtvaart), (afkorting), (verkorting), (informeel) een luchtvaartuig dat door middel van een hefschroef verticaal kan opstijgen en landen
    • De landende heli liet het stof opvliegen. 
Synoniemen

Gangbaarheid

85 % van de Nederlanders;
85 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be