heidens

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hei·dens
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen heidens heidenser heidenst
verbogen heidense heidensere heidenste
partitief heidens heidensers -

Bijvoeglijk naamwoord

heidens

  1. van de heidenen
  2. (pejoratief) zeer groot, vreselijk
    • dat is een heidens karwei, zeg 
    heidens bij Woordenboek der Nederlandse taal (1500 tot ...)
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl