golfstok

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

golfstokken
Uitspraak
Woordafbreking
  • golf·stok
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord golfstok golfstokken
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

golfstok m [1]

  1. het slaghout dat men gebruikt bij het golfen
    • De te korte pook van de handgeschakelde zesbak ligt door zijn vorm overigens niet lekker in de hand. Eerder het uiteinde van een golfstok dan een knop van een versnellingspook. [2] 
    • De serieuzere koopjesjager ambieert waarschijnlijk een hoger doel. Ook dat kan, want de liefhebber kan nu meebieden voor de golfstokken van president George H.W. Bush of een ingelijste golfbal van president Kennedy. De Amerikaanse presidenten golfen zoals de Oranjes de skipistes onveilig maken. Slechts drie van de 44 presidenten gingen niet geregeld wat stoom afblazen op de golfbaan van het Witte Huis. [3] 
    • Bijna altijd spelen erfelijke factoren een rol. De naam klompvoet geeft veelal verwarring, omdat de aandoening niets met een klomp te maken heeft. Het Engelse ”clubfoot” (club staat voor golfstok) is in dat opzicht een betere benaming. [4] 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

86 % van de Nederlanders;
92 % van de Vlamingen.[5]

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. De Telegraaf 05 dec. 2012 Korte rij-impressie: Opel Insignia OPC
  3. HP de Tijd NICO HOFSTRA 8 NOV 2016 Heeft u presidentiële golfclubs op zolder liggen? Verkoop ze vandaag nog
  4. Reformatorisch Dagblad Dr. A. K. Mostert, orthopedisch kinderchirurg 07-07-2017 Klompvoetjes zijn goed behandelbaar
  5. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be