gewond

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·wond
Woordherkomst en -opbouw
  • vervoeging van wonden: de stam met omvoegsel ge- -d, zonder -d omdat de stam al op -d eindigt
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen gewond gewonder gewondst
verbogen gewonde gewondere gewondste
partitief gewonds gewonders -

Bijvoeglijk naamwoord

gewond

  1. letsel hebbend
    • Er zijn twee doden gevallen en veertien gewonde mensen zijn naar het ziekenhuis overgebracht. 

Werkwoord

vervoeging van
wonden

gewond

  1. voltooid deelwoord van wonden

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie