generatiewisseling
Uiterlijk
- ge·ne·ra·tie·wis·se·ling
- samenstelling van generatie zn en wisseling zn
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | generatiewisseling | generatiewisselingen |
| verkleinwoord | generatiewisselingetje | generatiewisselingetjes |
de generatiewisseling v
- (biologie) regelmatige afwisseling in ontwikkelingscyclus van sommige planten en dieren, waarbij één generatie zich ongeslachtelijk en een volgende zich geslachtelijk voortplant
- Het woord generatiewisseling staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.