gefluit

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·fluit
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van de stam van fluiten met het voorvoegsel ge-
enkelvoud meervoud
naamwoord gefluit gefluiten
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

gefluit o

  1. het geluid dat geproduceerd wordt doordat lucht langs een opening of holte geblazen wordt
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.