galerie
Uiterlijk
- ga·le·rie
- Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘verkooplokaal voor moderne kunst’ voor het eerst aangetroffen in 1970 [1]
- afgeleid van het Franse 'galerie' [2]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | galerie | galerieën galeries |
| verkleinwoord | galerietje | galerietjes |
de galerie v
- een ruimte waar kunstwerken, veelal schilderijen, uitgestald worden en te koop worden aangeboden
- Ze heeft daar een prachtige galerie die druk bezocht wordt.
- ▸ Als kind al, wanneer ze in een hoekje van zijn galerie had zitten spelen, had ze Harold hierover horen discussiëren met klanten, zowel mannen als vrouwen, en vaak waren de vrouwen het met hem eens en steunden ze met hun geld liever jongemannen dan iemand van hun eigen sekse.[3]
- ▸ Mijn blik schiet over de markante façade van de galerie waar France 3 Auvergne vorig jaar de beelden maakte van Emil.[4]
- Het woord galerie staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "galerie" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 95 % | van de Vlamingen.[5] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ "galerie" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ galerie op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Jessie Burton vert. Marja Borg“De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff
, ISBN 9789024574704 - ↑ “De Camino” (2021), Luitingh-Sijthoff
, ISBN 9789024582280 - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be