exponere
Uiterlijk
- ex·po·ne·re
| vervoeging van |
|---|
| exponeren |
exponere
- aanvoegende wijs van exponeren
- Dat hij die het begrijpt, het exponere.
- Het woord exponere staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- ex·po·ne·re
- samenstelling van ponere "plaatsen, neerzetten" en ex "uit"
| stamtijd | |||
|---|---|---|---|
| infinitief | 1e pers. enk. ind. praes. act. |
1e pers. enk. ind. perf. act. |
supinum |
| exponere | expono | exposui | expositum |
| derde vervoeging | volledig | ||
exponere
- expōnere
- (onbepaalde wijs) uitstallen
- (2e persoon enkelvoud, tegenwoordige tijd, lijdende vorm van de aantonende) jij wordt uitɡestald
- (2e persoon enkelvoud, tegenwoordige tijd, lijdende vorm van de gebiedende wijs) word uitɡestald
- expōnēre
- (2e persoon enkelvoud, toekomstige tijd, lijdende vorm van de aantonende wijs) jij zal worden uitɡestald
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Woorden in het Latijn
- Woorden in het Latijn met IPA-weergave
- Werkwoord in het Latijn
- Werkwoord van de derde vervoeging in het Latijn