eetruimte

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

eetruimte op een school
Uitspraak
Woordafbreking
  • eet·ruim·te
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord eetruimte eetruimtes
eetruimten
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

eetruimte v

  1. deel van een gebouw waar men kan eten
    • Met zijn impressionant gelambriseerde eetruimte en een park vol herfstbladeren straalt het château een zekere glorie uit, maar details wijzen op de vergankelijkheid ervan. Zoals de lobby van het hotel, die een prachtig vergezicht biedt op een landschap dat zich plooit naar zonsondergangen.[1] 
    • De vloer waarop de brieven vielen is van 't Oale Roadhoes, een bekende horecazaak in het centrum van Tubbergen. Eigenaar Ruud Droste laat de bovenverdieping momenteel tot een mooie eetruimte verbouwen.[2] 
    • Kruisgevangenissen in Nederland bestaan uit meerdere verdiepingen, maar de virtuele gevangenissen in Prison Architect zijn beperkt tot de begane grond. Jammer. Eén vleugel wordt al opgeslokt door keuken en kantine. Venhuizen probeert eronderuit te komen. „Moeten we echt een gemeenschappelijke eetruimte inrichten? In Nederland krijgen gedetineerden hun avondeten gewoon op cel.”[3] 
Synoniemen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[4]

Verwijzingen

  1. de Standaard 9 DECEMBER 2017
  2. Tubantia 10-JANUARI-17
  3. NRC Lucas Brouwers 22 januari 2016
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be