duurzaamheid

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • duur·zaam·heid
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord duurzaamheid -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

duurzaamheid v

  1. het vermogen lang mee te gaan
    • De duurzaamheid van dit materiaal is spreekwoordelijk. 
  2. (milieukunde) het vermogen niet tot uitputting of vervuiling te voeren
    • De duurzaamheid van zonne-energie is een aantrekkelijke zaak. 
    duurzaamheid bij Woordenboek der Nederlandse taal (1500 tot ...)
Verwante begrippen
Hyponiemen
Vertalingen

Meer informatie