dorpshuwelijk

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • dorps·hu·we·lijk
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord dorpshuwelijk dorpshuwelijken
verkleinwoord dorpshuwelijkje dorpshuwelijkjes

Zelfstandig naamwoord

dorpshuwelijk o

  1. een huwelijk dat gevierd wordt door het volledige dorp
    • Vroeger waren dorpshuwelijken meer gewoon. 

Gangbaarheid