dankjewel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • dank·je·wel
Woordherkomst en -opbouw

Tussenwerpsel

dankjewel

  1. een uiting van dank in een informele situatie
    • Dankjewel! zei hij toen hij zijn glas bier in ontvangst nam. 
enkelvoud meervoud
naamwoord dankjewel dankjewels
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

dankjewel o

  1. de daad van het bedanken
    • Na een hartelijk dankjewel nam hij afscheid en ging naar huis. 
Opmerkingen
  1. Als tussenwerpsel of naamwoord wordt dit woord aaneengeschreven, maar in zinsneden kunnen de drie delen ook losgeschreven worden.
    • (Ik) dank je wel dat je dat voor mij hebt willen doen. 

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.