dalles

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • dal·les
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Jiddisch, in de betekenis van ‘armoede’ voor het eerst aangetroffen in 1886 [1]
  • Herkomst: Jiddisj [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord dalles -
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

dalles v/m

  1. (Jiddisch-Hebreeuws) armoede

Gangbaarheid

7 % van de Nederlanders;
9 % van de Vlamingen.

Verwijzingen


Spaans

Werkwoord

vervoeging van
dallar

dalles

  1. aanvoegende wijs tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van dallar
  2. gebiedende wijs (ontkennend) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van dallar