daghandelaar
Uiterlijk
- Geluid: daghandelaar (hulp, bestand)
- IPA: / 'dɑxhɑndəlar / (4 lettergrepen)
- dag·han·de·laar
- samenstelling van dag en handelaar
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | daghandelaar | daghandelaren daghandelaars |
| verkleinwoord | daghandelaartje | daghandelaartjes |
de daghandelaar m
- (beroep) aandelenhandelaar die op het eind van de handelsdag alle effecten weer verkocht heeft
- Hoewel veel daghandelaren verlies maken hoor vooral veel succesverhalen.
- Het woord daghandelaar staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 12
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Beroep in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal