bovendruk

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bo·ven·druk
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord bovendruk -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

bovendruk m

  1. (medisch) bloeddruk wanneer het hart samentrekt en bloed de slagaders inpompt
    • Een verhoogde bovendruk levert vooral risico's voor de grote bloedvaten op. 
Synoniemen
Antoniemen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie