bijpassend
Uiterlijk
- Geluid: bijpassend (hulp, bestand)
- IPA: / bɛiˈpɑsənt / (3 lettergrepen)
- bij·pas·send
- samenstelling van bij en passend
| stellend | |
|---|---|
| onverbogen | bijpassend |
| verbogen | bijpassende |
| partitief | bijpassends |
bijpassend
- goed staan bij elkaar
- Ze vond net voor sluitingstijd een bijpassende broek bij het groene jasje.
- ▸ Hierna produceerde hij een bijpassende glimlach in de richting van de vragensteller.[1]
| vervoeging van: | bijpassen |
| verbogen vorm: | bijpassende |
bijpassend
- Het woord bijpassend staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "bijpassend" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
| 100 % | van de Vlamingen.[2] |
- ↑ “All-inclusive”
(2006), A. W. Bruna Uitgevers B. V. , Utrecht
, ISBN 90-229-9182-2 - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 10
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Bijvoeglijk naamwoord in het Nederlands
- WikiWoordenboek:Pagina's die ISBN magische koppelingen gebruiken
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- Onvoltooid deelwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 100 %
- Prevalentie Vlaanderen 100 %