bergrit

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

bergrit in Zuid-Limburg
Uitspraak
Woordafbreking
  • berg·rit
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord bergrit bergritten
verkleinwoord bergritje bergritjes

Zelfstandig naamwoord

bergrit m

  1. (wielrennen) een etappe van een wielerwedstrijd die veel beklimmingen en afdalingen bevat
    • Domenico Pozzovivo won de etappe. De Italiaan van AG2R arriveerde na een zware bergrit over ruim 166 kilometer in de stromende regen als eerste in La Punt, nadat hij eerder een lange solo van de Canadees Michael Woods ongedaan had gemaakt. [1] 
    • e 25-jarige Dumoulin won in de afgelopen Tour de France de bergrit naar Andorra en de vlakke tijdrit, maar een ongelukkige val in de negentiende etappe maakte een voortijdig einde aan zijn Tour.[2] 
Synoniemen

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Verwijzingen