bekeren

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

(klemtoonhomogram)

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·ke·ren
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
bekeren


bekeerde


bekeerd


zwak -d volledig

Werkwoord

bekéren

  1. (overgankelijk) iemand ~: iemand tot een bepaald geloof overhalen.
    De joden hebben niet veel mensen bekeerd.
Vertalingen
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
bekeren


bekerde


gebekerd


zwak -d volledig

Werkwoord

békeren

  1. (inergatief) aan bekerwedstrijden deelnemen.
    Ajax heeft weer goed gebekerd dit jaar.

Meer informatie