apoptose

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

apoptose
Uitspraak
Woordafbreking
  • apop·to·se
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord apoptose
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

apoptose v

  1. (biologie) geprogrammeerde celdood
     Apoptose, ofwel geprogrammeerde celdood, is het voornaamste begrip in het werk van de onderscheiden onderzoekers. Daarmee wordt het natuurlijke proces van cellen bedoeld om zichzelf te vernietigen.[1]
     Een cel die door veroudering veel DNA-schade heeft opgelopen, gaat in het gunstigste geval dood. Dit is een natuurlijk proces, dat gecontroleerd verloopt. Het wordt apoptose genoemd. Het is echter schadelijk als zo’n cel niet doodgaat, omdat deze dan ontstekingen kan veroorzaken en omliggende cellen kan beschadigen.[2]
Vertalingen

Gangbaarheid

27 % van de Nederlanders;
20 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink Weblink bron “Nobelprijs geneeskunde naar twee Britten en Amerikaan” (07-10-2002), Reformatorisch Dagblad
  2. Bronlink Weblink bron Arjen Mol “Onderzoek dat verjonging beoogt, vraagt Bijbelse reactie” (30-06-2018), Reformatorisch Dagblad
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be


Frans

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  apoptose     la apoptose     apoptoses     les apoptoses  

Zelfstandig naamwoord

apoptose v

  1. (biologie) apoptose