antivries

Uit WikiWoordenboek

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • an·ti·vries
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord antivries -
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

antivries m/o

  1. een stof die veelal aan koelwater wordt toegevoegd om het vriespunt ervan te verlagen om bevriezen ervan te voorkomen
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen