alsof

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • als·of
Woordherkomst en -opbouw

Voegwoord

alsof

  1. luidt een vergelijking in
    • Alsof de zon plotseling achter de wolken vandaan gekomen was, zo klaarden alle gezichten op toen hij het goede nieuws vertelde. 
  2. als iets niet is wat het lijkt
    • De teleurgestelde ouders deden alsof ze heel tevreden waren met de prestatie van hun kind. 
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.