aardlek

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aard·lek
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord aardlek aardlekken
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

aardlek o

  1. lekstroom naar de aarde, een stroom die van een apparaat naar de aarde stroomt ipv naar de nuldraad of de aardedraad
    • Janneke kwam in januari 2013 om het leven terwijl ze onder de douche stond. In de woning die ze via antikraakhuurder Camelot huurde was al langer gedoe met de elektriciteit. Er zou van alles mis zijn geweest met de stroom in het pand, zo bleek maandag tijdens het begin van de rechtszaak. Stroomdraden lagen open en bloot en drie van de zes elektriciteitsgroepen hadden geen aardlek. ,,Eigenlijk is het onbewoonbaar", schreef een Boxtelse ambtenaar in een interne mail over de woning waar Janneke later in trok. [1] 
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders;
74 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen