verbuigen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ver·bui·gen
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| verbuigen |
verboog |
verbogen |
| klasse 2 | volledig | |
Werkwoord
(niet scheidbaar)
verbuigen
- door buiging blijvend vervormen.
- Door het ongeluk was het chassis verbogen.
- (grammatica) het stelselmatig veranderen van de uitgang van een naamwoord al naargelang de functie van het woord in de zin.