universiteit

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • uni·ver·si·teit
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Latijne universitas, een afkorting van universitas magistrorum et scholarium, te vertalen als: gemeenschap van onderwijzers en leerlingen of van ūniversus met het achtervoegsel -iteit [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord universiteit universiteiten
verkleinwoord universiteitje universiteitjes

Zelfstandig naamwoord

universiteit v

  1. (onderwijs) een instelling voor hoger onderwijs, wetenschappelijk onderzoek en dienstverlening
    Hij studeert momenteel informatica op de universiteit van Amsterdam.
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl


Afrikaans

Uitspraak
  • IPA: /ynivɛrsiˈtəɪ̯t/
enkelvoud meervoud
naamwoord universiteit universiteite

Zelfstandig naamwoord

universiteit

  1. universiteit
Schrijfwijzen
  • Arabische transcriptie: اُینِیڤَِرْسِیتَیْتْ.