sinus
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
sin B = overstaande zijde / hypotenusa ofwel b / a
Uitspraak
Woordafbreking
- si·nus
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | sinus | sinussen |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
sinus m
- (wiskunde) de verhouding van de lengte van een loodlijn die van een der benen van een hoek op het andere been wordt neergelaten, tot het beenstuk waarvan wordt uitgegaan
- (medisch) holte of instulping zonder eigen wand
Hyponiemen
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
1.
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.