olijfgroen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- olijf·groen
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | olijfgroen | |
| verkleinwoord |
Zelfstandig naamwoord
olijfgroen o
- (RAL-kleur) een kleur tussen groen en bruin met RAL-nummer 6003.
- Heeft u die ook in het olijfgroen?
| stellend | |
|---|---|
| onverbogen | olijfgroen |
| verbogen | olijfgroene |
Bijvoeglijk naamwoord
olijfgroen
- (RAL-kleur) deze kleur hebbend, een kleur tussen groen en bruin, met RAL-nummer 6003.
- Hij rijdt in een olijfgroene auto.
Verwante begrippen
Vertalingen
1.