noot
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Uitspraak
Woordafbreking
- noot
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | noot | noten |
| verkleinwoord | nootje | nootjes |
Zelfstandig naamwoord
- (plantkunde) een harde boomvrucht.
- beuken en hazelaars brengen noten voort.
- (muziek) een geluid van zekere tijdsduur.
- De zangeres verslikte zich in al die snelle nootjes.
Vertalingen
1. (plantkunde) een harde boomvrucht