noot

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Uitspraak
Woordafbreking
  • noot
enkelvoud meervoud
naamwoord noot noten
verkleinwoord nootje nootjes

Zelfstandig naamwoord

noot v/m

  1. (plantkunde) een harde boomvrucht.
    beuken en hazelaars brengen noten voort.
  2. (muziek) een geluid van zekere tijdsduur.
    De zangeres verslikte zich in al die snelle nootjes.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen