korrel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kor·rel
Woordherkomst en -opbouw
  • afgeleid van het Middelnederlandse corn(e) of koorn met het achtervoegsel -el en assimilatie van de -n- [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord korrel korrels
verkleinwoord korreltje korreltjes

Zelfstandig naamwoord

korrel m

  1. een enkele zaad van graan
    Voor volkorenbrood gebruikt men meel waarin de gehele korrel is verwerkt..
  2. basisdeeltje waaruit een granulair, korrelig materiaal bestaat
    Bij klei zijn de afzonderlijke korrels uiterst klein.
Uitdrukkingen en gezegden
  • met een korreltje zout nemen
niet geheel serieus nemen
  • iemand op de korrel nemen
iemand bekritiseren, bespotten
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie