knorren
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- knor·ren
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| knorren /'knɔrə(n)/ |
knorde /'knɔrdə/ |
geknord /ɣə'knɔrt/ |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
knorren
- (inergatief) een geluid voortbrengen zoals een varken