glans
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- glans
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | glans | glansen glanzen |
| verkleinwoord | glansje | glansjes |
Zelfstandig naamwoord
glans m
- opmerkelijk lichtschijnsel door weerkaatsing.
- De glans van de lak kan gemakkelijk hersteld worden met een goede wasbeurt.
- overdrachtelijk de schittering van een opmerkelijke daad, een unieke prestatie of een grote reputatie
- De aanwezigheid van de koningin gaf grote glans aan het jubileum.
Engels
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| glans | glandes |
Zelfstandig naamwoord
glans