formeel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • for·meel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord formeel formelen
verkleinwoord formeeltje formeeltjes

Zelfstandig naamwoord

formeel o [2]

  1. houten vorm tot steun van metselwerken tijdens de bouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen formeel formeler formeelst
verbogen formele formelere formeelste

Bijvoeglijk naamwoord

formeel [3]

  1. met inachtneming van strikte omgangsvormen
  2. de vorm betreffend, naar de vorm
Synoniemen
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Bijwoord

Niet in de woordenlijst van de Taalunie (als bijwoord)
formeel [4]

  1. in alle vorm
  2. voor de vorm; voorzover de vorm betreft
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandse taal
  3. Woordenboek der Nederlandse taal
  4. Woordenboek der Nederlandse taal

Meer informatie