logica

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lo·gi·ca
Woordherkomst en -opbouw
  • afgeleid van het Griekse 'logikè' ([de rede betreffend]) [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord logica
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

logica v

  1. (wetenschap) de wetenschap die zich bezighoudt met de formele regels van het denken. Traditioneel wordt de logica door de filosofie bestudeerd, maar het wordt ook tot de wiskunde gerekend
Synoniemen
Antoniemen
Hyponiemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl


Italiaans

Woordafbreking
  • lo·gi·ca
enkelvoud meervoud
logica logiche

Zelfstandig naamwoord

logica v

  1. (wetenschap) logica