druif

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken
druiven

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • druif
enkelvoud meervoud
naamwoord druif druiven
verkleinwoord druifje druifjes

Zelfstandig naamwoord

druif v/m

  1. (fruit) vrucht van de druivelaar (wijnstok).
  2. pejorative benaming voor een suf persoon.
Vertalingen

Meer informatie


Afrikaans

enkelvoud meervoud
druif druiwe

Zelfstandig naamwoord

  1. (fruit) druif.


Papiamento

Woordherkomst en -opbouw
  • Van het Nederlandse druif.
enkelvoud of
impliciet meervoud
expliciet meervoud
  druif     druifnan  

Zelfstandig naamwoord

druif

  1. (fruit) druif.
Schrijfwijzen
  • Schrijfwijze op Bonaire en Curaçao: drùif.
Persoonlijke instellingen