depot

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Depot

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • de·pot
Woordherkomst en -opbouw
  • Franse “dépôt” (neergelegd) van het Latijnse “deponere” (neerleggen)
enkelvoud meervoud
naamwoord depot depots
verkleinwoord depotje depotjes

Zelfstandig naamwoord

depot m / o

  1. (handel) een opslag- of bewaarplaats voor goederen, handelswaar, vervoermiddelen of dieren
    De inbeslaggenomen goederen gaan voorlopig in depot totdat duidelijk is wat ermee moet gebeuren.
  2. (oenologie) bezinksel op de bodem van een drankfles
    Schenk de wijn voorzichtig in het glas, en let erop dat je het depot niet meeschenkt.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen


Meer informatie

  • Zie Wikipedia voor meer informatie. (Bezinksel)


Engels

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Franse dépôt.
enkelvoud meervoud
depot depots

Zelfstandig naamwoord

depot

  1. depot
  2. goederenstation
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen